Het is ook maar een mening . .

2017-10-26

Ingestorte vloeren houden iedereen bezig

Ook ik ben geboeid door het fenomeen instortende vloeren zoals we dat nu beleven. Het is ook niet voor het eerst. Ik herinner me een parkeergarage in Tiel die ontruimd moest worden. De details ken ik niet meer, hebben we het niet meer over.
Wat je leest en hoe je het interpreteert hangt af van de bril waarmee je kijkt. Ik kijk met de bril van een bouwkundig arbeidsveiligheidskundige met ook zijn eigen beperkte kennis.
Naar mijn idee moeten machines, gereedschappen, bouwproducten en bouwmaterialen optimaal afgestemd zijn op de te verwachte verwerking, het beoogde eindgebruik en de gewenste eindkwaliteit.
Bij het ontwerp van machines is hier een norm voor. Deze moet worden aangehouden en het zou niet verkeerd zijn om deze norm ook voor andersoortige ontwerpen aan te houden. Ik denk dan aan bouwmaterialen, gebouwen en hulpmaterieel voor de bouw.
Met deze voorkennis en mijn bril op wil ik met jullie kijken naar een aantal ongevallen die mij nog helder voor de geest staan. Overigens is het ook goed om te weten dat ongevallen zelden één oorzaak hebben.
Even terug naar 1996. In dat jaar kantelde, tijdens het storten van de beton, een tafelkist voor de oplegging van een viaduct. Het was op de huidige Ridderster. Een van de aanleidingen was dat er bij het ontwerp van de bekisting was uitgegaan van een uiterst secure werkmethode namelijk, het zorgvuldig gelijkmatig volstorten van de kist. De geconstrueerde evenwichtssituatie mocht niet verstoord worden. Ik denk dan dat dit ontwerp met deze randvoorwaarde niet was afgestemd op de te verwachten wijze van werken. Ook was de gewenste werkwijze niet effectief gecommuniceerd. Het gevolg was dat het evenwicht werd verstoord en de kist met stortploeg en al naar beneden kwam.
In 2003 stort een steiger in, Amercentrale Geertruidenberg. De steiger was gebouwd in de ketel die moest worden gestraald. De steiger is voorzien van dichte vloeren in plaats van roostervloeren, de steiger was niet berekend op het opstapelen van grit. Ook hier is in het ontwerp, naar mijn idee, geen rekening gehouden met de gebruikelijke en alom bekende wijze van werken op een steiger.
10 juli 2008, een kraan begeeft het in Rotterdam. De OVV doet onderzoek. Een van de oorzaken die niet wordt genoemd is een ontwerp dat niet op alle fronten afgestemd is op het te verwachten gebruik. Gevolg is dat zonder verkeerde handelingen te verrichten de giek zover doorbuigt dat de kat vanzelf bij de machinist vandaan loopt. Het gevolg daarvan is overbelasting en instorten van de kraan.
En dan nu de beeldplaat. Waar lekken kelders? Juist ja, daar; op de stortnaad! Het is genoegzaam bekend dat stortnaden problemen geven met aanhechting. We maken stortnaden niet voor niets zo ruw mogelijk. Jaren geleden begon ik in de gietbouw. Ik weet me te herinneren dat vrij opgelegde vloeren, bij het stoppen van de dagelijkste stort, op het hart van de bouwmuur werden afgebroken en werden afgezet met honingraatstaal. Als we werkten met een stalen tunnel konden we ook werken met een aflegblad en dan konden we met een zo ruw mogelijke stortnaad afbreken op 1/5 de van de overspanning.
Breedplaatvloeren zijn in mijn beleving altijd zo verdomd ruw gebezemd om de aanhechting te bevorderen. Alles om een hechte en massieve vloer te krijgen waarbij de verloren bekisting met de onderwapening hecht verbonden is met de, in het werk gestorte, druklaag.
Nu lees ik dat er tegenwoordig gladde breedplaatvloeren worden geleverd.
Ben ik ouderwets, zijn er nieuwe trucs bedacht om hechting te bevorderen of is hier ook sprake van een ontwerp dat niet optimaal is afgestemd op de verwerking in de bouw?
Jammer dat er weer als eerste een link gelegd wordt met de bouwbedrijven die de organisatie niet op orde zouden hebben en slecht werk afleveren. Dat er veel te verbeteren valt in het productieproces en dat ook hier ongetwijfeld zaken niet goed zijn gegaan zal ik niet ontkennen en neem ik onmiddellijk aan.

Echter, met een goed ontwerp kan er niets fout gaan dit omdat of rekening is gehouden met het gangbare productieproces of fatale fouten maken niet uitgesloten is.

Wil je op de hoogte blijven van niet geslaagde producten die wel in de handel zijn gekomen? Kijk eens op https://ec.europa.eu/consumers/consumers_safety/safety_products/rapex/alerts/?event=main.listNotifications .

download als pdf

2017-08-18

Opdrachtgevers en maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven

In de bouw vinden relatief veel ongevallen plaats. Dat is niet alleen in Nederland het geval. Niet vreemd dus dat over de gehele wereld de bouwnijverheid extra aandacht krijgt als het ongevallen reductie betreft. Onderzoek van onder andere de HSE (GB) heeft uitgewezen dat ongeveer 40% van de ongevallen een relatie heeft met keuzes die gemaakt worden in de ontwerpfase. In Nederland hebben we het over 3920 ongevallen die een schadelast geven van € 37.000.000 (Ongevallenmonitor Arbouw over 2015). Daarvan komen 1.568 ongevallen (€ 14.800.00) voort uit keuzes die onder verantwoording van de opdrachtgever worden gemaakt.

In veel landen is dit reden om via wetgeving de opdrachtgever een taak te geven bij het voorkomen van ongevallen in de bouw. In de EU heeft dat geresulteerd in de richtlijn 92/57EG, die in Nederland is omgezet en opgenomen is in het Arbobesluit (hoofdstuk 2 afdeling 5).
De EU richtlijn 92/57 heeft als doel de verschillende partijen te verplichten en verantwoordelijk te maken voor het aanwenden van hun invloed op veiligheid en gezondheid tijdens werkzaamheden.

Het merendeel van de ongevallen zijn valongevallen ( in Nederland plm 25%; ref. monitor Arbouw). Om valongevallen te reduceren is er de richtlijn 2001/45/EC. Hierin is vastgelegd dat ingeval van werken op hoogte de veiligheid niet ondergeschikt is aan economische.

Met ingang van 1 januari 2017 is een aantal bepalingen in het arbobesluit aangescherpt zodat de doelstelling van de richtlijn beter wordt weergegeven. Zo is de opdrachtgever duidelijker aan te spreken op de veiligheid en gezondheid tijdens de werkzaamheden die hij laat uitvoeren  Ook de definitie ‘opdrachtgever is aangescherpt in het Arbobesluit art 1.1.2.c.
De taak die de opdrachtgever hiermee krijgt, is dat er zo min mogelijk gevaren zijn tijdens het maken, het gebruiken, het onderhoud en de slopen van zijn object. Dit kan hij alleen goed invullen als hij zorgvuldig zijn ontwerpteam samenstelt. Beoordeling op onder andere ‘past performance’ zou mogelijk onderdeel kunnen zijn van de selectie.
Fouten die het ontwerpteam maakt, vallen in de relatie opdrachtgever en slachtoffer onder de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever.

De ontwerpers moeten bij het reduceren van gevaren de arbeidshygiënische strategie aanhouden. Dat wil zeggen dat het wegnemen van het gevaar (niet op hoogte werken) prevaleert boven het beheersen (plaatsen van leuningen) en dat het beheersen prevaleert boven het werken met persoonlijke beschermingsmiddelen (werken met valgordel).

In het Arbobesluit worden de problemen samenhangend met Asbest en bodemverontreiniging genoemd. De opdrachtgever moet een inventarisatie kunnen overleggen. De opdrachtgever is verantwoordelijk voor de consequenties die voortvloeien uit de aanwezigheid van asbest en bodemverontreiniging op de werkplek.

Dat impliceert dat de opdrachtgever verantwoordelijk is voor het aanbieden van een veilige werkplek. Het besluit noemt verontreiniging en asbest, maar waarom deze verantwoordelijkheid niet doortrekken naar bijvoorbeeld veilig werken op hoogte?
Dit is geheel in lijn met de EU Richtlijn.

Dit is overigens niet alleen een kwestie van de wet naleven, handelen in de geest van de wet, fatsoen of Maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar ook een kwestie van slim nadenken over onderhoudskosten. Het werken achter valbeveiliging gaat stukken sneller en de kwaliteit van het werk is beter dan wanneer gewerkt moet worden met een lastige gordel om.
Indien er geen hekken aan de rand van het dak staan, zal voor elke klus op hoogte een dakrandbeveiliging geplaatst moeten worden. Immers de arbeidshygiënische strategie moet worden gevolgd bij het beschermen van de werknemers en economische argumenten mogen geen reden zijn om te werken met individuele beveiliging. Het plaatsen van hekken, het weghalen en de huur tijdens het werk zullen moeten worden doorberekend in de onderhoudskosten. Over de levensduur van het pand zijn permanent aangebrachte randbeveiligingen al snel economisch interessant.

De kwaliteit van een ontwerpteam is van belang voor de opdrachtgever gelet op de juridische consequenties, maar ook als het gaat om prijs van onderhoudskosten en ook om gevaren tijdens het gebruik. De negatieve gevolgen zullen uw imago aantasten.

2017-05-02

Positieve aandacht

Op de 17de maart stonden we stil bij veiligheid in de bouw. Welke positieve effecten proeven we daar nu nog van?
Als de gedachte is, dat we iets wakker hebben geroepen dat nu weer in slaap sukkelt hebben we wat bereikt. Die gedachte was er niet geweest als de 17de maart geen aandacht was geschonken aan veiligheid.
Zijn we daar tevreden mee? Dat is een vraag die ieder voor zich moet beantwoorden.

Elke jaar op 28 april is het de dag dat we stil staan bij de werknemers die in het harnas zijn gestorven, die omgekomen zijn tijdens de uitoefening van het beroep. Ook in ons land is er meer en meer aandacht voor deze dag. De Workers Memorial Day is die dag die is overgewaaid uit de VS. In Nederland komen er altijd nog zo’n 70 tot 80 per jaar om tijdens het werk. Dat zijn er teveel en daarom is het belangrijk om daar volgend jaar en het jaar daarop bij stil staan.

Op 1 mei is het de dag van de arbeid die we in Nederland vieren door positief productief te zijn waar in andere landen de ‘arbeiders’ genieten van een vrije dag.

We leven ook in een tijd van verschillende waarheden. Een tijd waarin autoriteit en feiten worden gezien al een menig die te discussie staat. Het positieve is dat we dan discussiëren. Het NVVK-congres stond helemaal in dat teken, discussiëren over jouw ervaring, jouw beleving en jouw waarheid. Het vervelende is dat feiten waar blijven.
Met discussiëren verbeteren we de feitelijke veiligheid niet. Daar zijn daden voor nodig, dat vereist zelf iets doen.

Een manier om veiligheid op de bouw en de andere bedrijfstakken levendig te houden is stil te staan bij veiligheid en gezondheid als zich een reden aandient, de discussie aangaan vanuit de wens het gevaar te reduceren. Daarbij kunnen we best wat vaker met een positieve blik kijken naar hetgeen bereikt is. Gewoon iets doen dus.

Bij doen is het goed om toch stil te staan bij wat we met z’n allen hebben bereikt?
We kunnen zien dat het bijna standaard is dat een chauffeur zodra hij zijn cabine uit komt signaal kleding draagt.
Als klassen schoolkinderen zich verplaatsen zijn de begeleiders gestoken in signaal kleding.
Valbeveiliging bij werken op hoogte is geen punt van discussie, wel de soort waarbij helaas de Arbeidshygiënische Strategie niet standaard wordt gevolgd. De discussie wordt ook vertroebeld door commerciële belangen. Positief is dat het er naar uit ziet dat, met de aandacht die we eraan geven, individuele valbeveiliging tot de uitzonderingen gaat behoren.
Het gebruik van PBM zoals een helm, gehoorbescherming, schoenen en een bril is geen punt van discussie, ieder is het erover eens dat dit hoort bij goed vakmanschap.
Een vakman zie je trouwens ook steeds vaker gekleed zoals je van een vakman mag verwachten. Nette kleding die het werken vergemakkelijkt en hem beschermt tegen zon en mechanische beschadiging.
Wegafzettingen, nog niet altijd even optimaal maar vergeleken met 10 jaar geleden toch een hele vooruitgang.

We bereiken het meest door vanuit een positieve grondhouding een bijdrage te leveren aan arbeidsveiligheid.
Volgend jaar is er weer een dag van de veiligheid op de bouw en er is een Workers Memorial Day en vieren we 1 mei. Nu weten we het een jaar van tevoren. We kunnen er dus naar toe werken en nu vast bedenken met welke resultaten we voor de dag gaan komen.
En laten we zorgen dat we er allemaal weer bij zijn.

Veiligheid; minder over praten en meer zelf doen.

 
2017-02-16


Ongevallen, dat accepteren we niet!


Regelmatig is het aantal ongevallen onderwerp van discussie, het aantal is te hoog is. Dit is verheugend, we leven in een samenleving waar het niet de norm is dat je na het werk niet heelhuids thuis komt. De norm is hier dat je na een dag werken moe en voldaan thuis komt om de volgende dag fris en monter aan een nieuwe, vreugdevolle werkdag te beginnen.
Partijen vallen regelmatig over elkaar heen als het gaat om de aantallen ongevallen. Waarom? Men is het met elkaar eens, minder ongevallen!
De norm in Nederland is gelijk; je wordt niet ziek of krijgt geen ongeval tijdens het werk.
De ophef en energie zou dan ook beter gestopt kunnen worden in het gezamenlijk zoeken naar verbeterpunten. Het gezamenlijk uitwerken van verbeteringen en gezamenlijk zorgen dat het verbetert.

Laten we dan starten met de harde kant. Laten we zorgen dat fouten maken mag zonder ernstige gevolgen. Laten we de werkomgeving zo maken dat wij, blunderende mensen daar kunnen zijn zonder dat er ongevallen plaats vinden. Fouten maken is immers menselijk. Veiligheid zit niet alleen tussen de oren maar vaak in bijvoorbeeld een onhandig productieproces, onveilige werkplekken, improvisaties en niet afstemmen. Zaken die beheersbaar te maken zijn. Laten we de werkomgeving zo maken dat we verleid worden om op de juiste (gewenste) manier te werken. De shortcut is de gewenste werkwijze.

Dit zal nog een hele uitdaging zijn voor de manager ondersteund door de medewerkers en bijgestaan door deskundigen is het niet onmogelijk.
In de bouw en aanpalende sectoren heeft met een ‘veilige vrijdag’ uitgeroepen, vrijdag 17 maart.
Een dag waarop we gestimuleerd worden inventief om te gaan met het vergroten van de veiligheid. Die ideeën en initiatieven worden verzameld en gedeeld.
Wil je er meer over weten, kijk dan op www.bewustveilig.com .
Wij, de deskundigen zijn graag bereid om mee te denken en mee te helpen.

 
2017-02-06

Meer samenwerking, verbinding tussen partijen

De gedachte achter de EU Richtlijn 92/57 oftewel het arbobesluit hoofdstuk 2 afdeling 5, is dat een beslisser verantwoordelijk te stellen is voor een beslissing. Een niet genomen beslissing is daarbij ook een beslissing.
Even om bij te zijn, het codenummer 92/57 betekent dat de richtlijn in 1992 is geschreven en dat het de 57ste richtlijn was in dat jaar.
En dan hebben we het nu, 25 jaar later nog over de wijze waarop geïmplementeerd moet worden.

De reden voor het invoeren was dat in de ontwerpfase beslissingen genomen worden (of niet genomen worden) die consequenties hebben voor de veiligheid en gezondheid tijdens het bouwproces, het gebruik, het onderhoud en de sloop.

We kunnen allen constateren dat, 25 jaar na de invoering, de implementatie nog niet is afgerond. De bekendheid is nog niet optimaal en de consequenties zijn nog niet in de haarvaten van de opdrachtgevers, de adviseurs, de ontwerpers doorgedrongen. Maar ook bij de bouwers zelf, de onderhoudsbedrijven en de sloopbedrijven worden de consequenties niet altijd even nauwgezet ingevuld.
Er wordt niet meer ontkend dat de richtlijn bestaat maar dat is nog iets anders dan omarmen en naar de geest invullen.
Al met al kun je stellen dat we, nu, in 2017 nog steeds bezig met de implementatie en het toewerken naar een volledige acceptatie bij alle partijen voor wie de richtlijn geldt.

Onlangs, op 1 januari, is weer een kleine wijziging aangebracht in het arbobesluit. Twee wijzigingen haal ik er nu even uit.
Bodemverontreiniging en asbest zijn nu met name genoemd. De opdrachtgever moet kennis hebben van de eventueel aanwezige bodemverontreiniging en de aanwezige asbest en dit opnemen in het V&G Plan. Ik leid daaruit af dat de opdrachtgever verantwoording draagt voor het beschikbaar stellen van een werkplek waar geen ongecontroleerde gevaren zijn.
Dat betekent dat we uitkomen op de gedachte achter de richtlijn. Als je een interventie kunt plegen ten gunste van V&G moet je dat doen en ben je verantwoordelijk voor het resultaat van die interventie.
Als een opdrachtgever een werkplek ter beschikking stelt en je redeneert in de geest van de richtlijn, dan hoort daar een RI&E bij en horen er maatregelen getroffen te worden die veilig en gezond werken mogelijk maken.
Hopelijk wordt deze doelstelling uit de richtlijn opgepakt. Daarmee zouden veel gevaarlijke situaties in de bouw en het onderhoud worden voorkomen. In die geest zou een opdrachtgever zich dus zorgen moeten maken over een veilige werkplek en de bereikbaarheid daarvan.

Voor meer inhoudelijke kwesties ben ik u graag van dienst. Kijk anders ook eens hier.